Het wettelijke tarief: per woord
Het Besluit tarieven in strafzaken 2003 bepaalt in artikel 5: het tarief «bedraagt voor vertalers ten minste € 0,079 per woord». Dat is de tekst die geldt sinds 1 januari 2026. Er wordt dus per woord gerekend, niet per pagina — en het bedrag is een minimum, geen vaste prijs.
Dit tarief hoort bij opdrachten in strafzaken. Voor een vertaling die een particulier of een bedrijf zelf bestelt, spreek je de prijs met de vertaler af, meestal via een offerte.
Let op: artikel 7 verhoogt tarieven «met de helft» voor werk op zaterdag, zondag, feestdagen of ’s nachts — maar het noemt alleen de artikelen 2, 3 en 6, niet artikel 5 voor vertalers.
Wie mag beëdigd vertalen?
De Wet beëdigde tolken en vertalers kent een register voor beëdigde tolken en vertalers (artikel 2). Rechtbanken, het Openbaar Ministerie, de IND, de politie, de Koninklijke Marechaussee en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State maken in het strafrecht en het vreemdelingenrecht «uitsluitend gebruik van beëdigde tolken of vertalers» (artikel 28).
Wat de offerte beïnvloedt
- Het aantal woorden — de basis van de meeste offertes.
- De opmaak: tabellen, formulieren en veel velden die moeten worden nagebouwd.
- Stempels, zegels en handgeschreven aantekeningen.
- De leesbaarheid van de scan.
- De talencombinatie en hoe zeldzaam de brontaal is.
- Spoed.
- Een apostille of legalisatie, die ook wordt vertaald.
Rekenvoorbeeld
Een vonnis van 1 000 woorden levert in een strafzaak minimaal 1 000 × € 0,079 = € 79 op volgens artikel 5. Bij een particuliere opdracht geldt wat in de offerte staat: per woord, per pagina of een vast bedrag per document.
Waarom software de prijs kan beïnvloeden
Veel tijd gaat niet naar het vertalen zelf, maar naar het nabouwen van de opmaak, stempels en handschrift en het correct weergeven van namen. Software die die stappen overneemt en onzekere plekken markeert, verkort het werk. Controle, beëdiging en verantwoordelijkheid blijven bij de beëdigd vertaler.